24 april 2013

Vleugels, zichzelf benoemd tot AIVD-watcher en expert, kletst steeds vaker uit zijn nek.

Klets niet Vleugels. You are outdated!

Snijden Vleugels uitspraken over AIVD geen hout meer? Groeit zijn archief hem boven het hoofd? Zijn het blunders of zit zijn administratieve staf te pitten?


Roger Vleugels zegt op de website van NU.nl dat er een 'oorlog' woedt tussen minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken) en het hoofd van de AIVD Rob Bertholee. Vleugels heeft zichzelf ooit benoemd tot AIVD-watcher, maar kletst steeds vaker uit zijn nek.

Oorlog op ministerie Binnenlandse zaken
Tussen Ronald Plasterk en Rob Bertholee bestaat geen oorlog. Beiden zijn heren die elkaar respecteren. Zakelijk gezien weten beiden ook wat er van hen wordt verwacht en beiden weten hoe het politieke krachtenveld in elkaar steekt. Dat een ieder voor zijn eigen 'toko' op komt, is duidelijk en gewenst. Vele andere bewindslieden draaien alleen mee met de politieke winden of komen pas in beweging na journalistieke boergeluiden.

Vleugels beheerst zijn vak niet
Omdat beide heren hun beloofde opdrachten als beëdigd ambtenaar zo goed mogelijk willen uitvoeren, zal er wel eens een verschil van mening blijven bestaan, nadat de standpunten zijn uitgewisseld. Dat is heel wat anders dan het "woeden van een oorlog", zoals Roger Vleugels beweert, daarbij impliciet aangevend dat hij helemaal geen expert is op het gebied van de veiligheidsdiensten.

Bertholee en misschien ook Plasterk weten meer van dit vak dan Vleugels. Het zou trouwens slecht zijn gesteld met Nederland, indien mocht blijken (geen schijn van kans) dat Roger Vleugels expert is op dit terrein. Hij beheert weliswaar een archief, maar beheerst verder niets. Dit in tegenstelling tot Bertholee in Zoetermeer.
Vleugels beheert slechts een papieren en/of digitaal archief, de inhoud waarvan hij niet meer beheerst door een overkill aan nutteloos materiaal. Uit oude jaarverslagen van de AIVD citeren, maakt je nog geen watcher of expert. Wat is dat eigenlijk een "watcher". Lig je dan op de buik in de bosjes of verzamel je alleen allerlei onzin op het internet?

"Flabbergasted"
Als Vleugels dan ook nog vindt dat een Nederlandse veiligheidsdienst zelfs bezuinigingen en een ingreep in de eigen taken zou moeten zien aankomen, blijkt klip en klaar dat hij geen weet heeft welke taken zo'n dienst in Nederland heeft.
Het archief van Vleugels groeit hem boven het hoofd. Hij maakt ketsers en zijn administratieve staf zit kennelijk te pitten. Want sinds wanneer is Bertholee 'flabbergasted'? In ieder geval niet in november 2012. Al eerder in de tijd stelden twee CDA-Tweede Kamerleden aan Plasterk vragen over "tegenstrijdige berichtgeving over het schrappen van de buitenlandtak van de AIVD".
Kennelijk is Vleugels ook de enige in Nederland - naast Diederik Samsom en Mark Rutte - die niet is overvallen door de krankzinnige bezuinigingen van dit kabinet.

Vier blunders van Vleugels
Maar dat Vleugels geen expert is, blijkt ook nog eens uit de volgende vier blunders.
Ten eerste. Bij de AIVD verdwijnen volgens Vleugels naar schatting 400 van de 1500 banen. "Dikke duim"; want de onderhandelingen over de rijksbezuinigingen zijn - in samenhang met de andere ministeries - nog in gematigde (niet in volle) gang. Er gaan nooit ambtenaren zomaar uit als er hoopt gloort op financieel-economisch herstel. En daarvan is nu toch sprake?
Ten tweede. In het regeerakkoord werd voorgesteld de buitenlandse geheime dienst te ontmantelen. Dat voorstel is inderdaad gedaan, maar al weer van tafel, zoals Vleugels ook zou kunnen weten. Nogmaals, al eerder heeft de Tweede Kamer Plasterk verzocht aan te geven of dit wel zo verstandig is de buitenlandtaak in te krimpen.
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verzekerde dat de bezuinigingen pas van kracht worden in 2018. Voorlopig blijft er aandacht bestaan voor het buitenland, zeker waar het gaat om "jihadistische uitreizigers".
Ten derde. Vleugels weet het niet zeker (dat siert hem dit keer)  maar vindt het waarschijnlijk dat de helft van de 400 banen in de buitenlandse dienst vervalt en de andere helft bij het binnenlandse inlichtingenwerk. Maar ook hier zit Vleugels er voor een groot deel naast. Plasterk wil namelijk vooral bezuinigen op de juridische dienst, zoals de minister dat noemt.

Bertholee geen politieman maar militair
Bertholee is geen politieman maar militair en veel verstandiger dan Vleugels denkt. Bertholee zal beslist niet willen bezuinigen op zijn 'spionnen', zijn werkers in het veld, zoals hij aangeeft in het Jaarverslag AIVD 2012, maar op zijn overtollige ambtelijke, vaktechnisch inhoudsloze parafenzetters en zogenaamde controleurs.

Ten vierde. 
"In het buitenland zijn circa 100 AIVD-functionarissen gestationeerd. Zij sturen via ambassades, lokale stromannen, reizende posten (o.a. het toezicht op piraten in Somalië), veldposten en dekmantelbedrijven honderden informanten en infiltranten aan. In dit netwerk zal flink worden geschrapt."
Vleugels is een fantast en kan zeker niet goed rekenen, waardoor de uitkomsten van zijn sommen niet kloppen, ondeugdelijk zijn en zeker niet door de media zijn gecheckt. Zelfs het toezicht op piraten in Somalië zou in handen zijn van de AIVD en niet van de MIVD?

Journalistiek, pas toch op
Welke rechtgeaarde journalist zou deze publiciteitsgeile man met een tanende kennis vanaf nu nog willen bevragen? Welke krant, met of zonder het zelf opgeplakte kwaliteitsetiket, wil zich langer belachelijker maken dan het medium nu al is? Waarom Vleugels vragen en hem laten herhalen wat er al opgeschreven is in brieven van de minister aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal? 

28 maart 2013

Nederland gevangen in het web van Russische vriendschap


Opleving "Koude Oorlog"?


Op bevel van president Vladimir Poetin heeft de federale veiligheidsdienst FSB absolute prioriteit gegeven aan het in kaart brengen van Russische organisaties die geld ontvangen uit het buitenland. Diverse invallen door heel Rusland bij honderden buitenlandse ngo’s als Human Rights Watch (HRW) en Amnesty International waren deze week het gevolg. Sinds vorig jaar zijn ngo´s verplicht om de Russische overheid inzage te geven in financiering die ze ontvangen uit het buitenland en moeten zij zich laten registreren als ‘buitenlands agent’.

De belastinginspecties zijn de zoveelste aanwijzing dat een nieuwe koude oorlog zich aandient. De Russische staatstelevisie beweert dat westers georiënteerde ngo’s met buitenlands geld de protesten tegen het Poetin-regime organiseerden. Maar angst maakt zich niet meester van Poetin. Is het dan powerplay of zijn ´Cypriotisch georiënteerde´ wraakgevoelens het 'leitmotiv' voor deze strategie van Poetin?

Deze nieuwe fase is ontstaan uit nostalgische gevoelens over het KGB verleden van Poetin zelf. Maar een hang naar het verleden ontstaat niet uit wraak. Is het dan de angst van de oude judoka voor een machtig Europa in de toekomst? Eén ding is zeker; de détente is voorbij. Europa als deel van het vrije westen is voor Rusland weer vijand nummer één.

Russische euro's uit Cyprus in Amsterdam

Duitsland en Frankrijk hebben krachtig geprotesteerd tegen de belastinginspecties van de ngo's. In Berlijn en in Parijs werd een ambtenaar van de Russische ambassade zelfs op het matje geroepen. Ook de EU heeft een protest ingediend bij monde van de hoge vertegenwoordiger van de Europese Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, Catherine Ashton.
Nederlandse autoriteiten hebben er geen belang bij om te protesteren. Nederland is immers financieel gezien het nieuwe Cyprus voor de Russische topambtenaren, regeringsleiders en andere oligarchen.

Het is bijna onmogelijk dat de kwestie Cyprus een belangrijke rol speelt bij de belastinginspecties, al kan het moment van de doorzoekingen best zijn versneld na het verlies aan Russisch-Cypriotische euro's. Dat Russische zakenmensen zich in minder lovende woorden hebben uitgelaten over de acties van de Nederlander Dijsselbloem ligt ook voor de hand. Aan de andere kant is Nederland een veilige financiële haven, een nieuw belastingparadijs dat al bestond voordat Cyprus door de EU en ECB een oor werd aangenaaid. Russische euro's uit Cyprus zijn nu voor een deel in veilige Amsterdamse handen.

Nederland-Ruslandjaar een molensteen 


Toch zal er geen angst zijn voor koelere internationale betrekkingen, want Nederland is noodgedwongen veroordeeld tot vriendschap met Rusland, dat wel.
"Het Nederland-Ruslandjaar wordt op initiatief van de Russische Federatie gehouden ter verbreding en verdieping van de eeuwenlange samenwerking. De twee landen willen in de toekomst verder werken aan een innovatief partnerschap. Het programma van dit bilaterale jaar rust op drie pijlers: economie, cultuur, en politiek & maatschappij."

Nederland kan zich dus niet veroorloven kwaad te spreken over Rusland, noch over Poetin. Nederland zit weer eens in een ongelukkige diplomatieke positie. Dat weet Vladimir Poetin, die op 8 april Nederland bezoekt, maar al te goed. Vanwege de eeuwenlange fantastische betrekkingen, zal hij zonder mankeren dineren met onze Koningin. Kritiek op Rusland is daarnaast ook zeer ongewenst vanwege heikele kwesties als demonstraties tegen de Russische antihomowet en de dood in Nederland van de Russische activist Dolmatov.

Nederlands geld belangrijker dan Russische repressie


Dus Nederland zal niet en kan niet, zoals Duitsland en Frankrijk dat wel deden, spontaan protesteren tegen de belastinginspecties. Voor Nederland en Rusland samen is het belangrijker de brede en lange samenwerking tussen beide landen niet te laten verzieken door futiliteiten als belastinginspecties bij Europese organisaties in Rusland.

Wat zal de Nederlandse regering moeten doen wanneer de ministers van buitenlandse zaken van de EU een gezamenlijk standpunt zullen innemen tegen Rusland en tegen Poetin? Het antwoord is zo eenvoudig. Nederland zal Rusland na vele eeuwen niet verraden. Al sinds de Gouden VOC-eeuw kiest Nederland zonder scrupules altijd voor het grote geld. Het heeft nooit uitgemaakt waar het geld vandaan komt.

Conclusie

Nederland zit gevangen in het gouden web dat Rusland heet. Nederland kan binnen de EU niet krachtig protesteren tegen het repressieve optreden van Rusland tegen ngo's, want het is door vriendschap onlosmakelijk verbonden met Rusland en voelt zich door financiële motieven gedwongen de Europese partners te verloochenen.  

Hoewel Europa als deel van het vrije westen weer vijand nummer één is van Rusland, kan Nederland door de aanwezigheid van Russische euro's niet zonder meer eensgezind met de EU optrekken.

Het diner van de Koningin van Nederland met de president van Rusland moet en zal doorgaan.



1 maart 2013

Orthodoxe Kerk is Russische schuilplaats in Nederland

Voor Russische oppositieleden is de Orthodoxe Kerk (ROK) een schuilplaats in het buitenland

Het is kwalijk dat de IND geen advies heeft ingewonnen bij experts van andere ministeries. Was dat wel gebeurd, dan had de beslissing over Aleksandr Dolmatovs asielaanvraag anders kunnen uitvallen. 

IND heeft oogkleppen en moet meer advies vragen
In januari 2013 stierf de Russische asielzoeker Aleksandr Dolmatov in een Rotterdamse cel, waar hij vastzat om uitgezet te worden. De Immigratie- en Naturalisatiedienst IND had slechts het vluchtverhaal van Dolmatov beoordeeld. Verder reikt zijn taak kennelijk niet. Kennis over het huidige strenge visumregime tussen Nederland en Rusland, over de actuele politieke ontwikkelingen in Rusland en over de wijze waarop de inlichtingen- en veiligheidsdiensten op geraffineerde wijze worden ingezet tegen oppositionele groeperingen in binnen- en buitenland ontbreekt bij deze dienst.
Het is dus de IND kwalijk te nemen dat het geen advies heeft ingewonnen bij experts van andere ministeries. De IND beoordeelde slechts het vluchtverhaal van Dolmatov.

AIVD
Gezien de uitlatingen van Dolmatov zelf over zijn betrokkenheid bij de Russische veiligheidsdienst was het overigens beslist logisch geweest de AIVD te betrekken bij het onderzoek. Dat laatste was ook het idee van advocaat Marq Wijngaarden.

De AIVD heeft sinds 1945 dossiers over Rusland aangelegd en heeft actuele kennis van de politieke situatie in Rusland en de rol van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten daarin.
Maar ook de Nederlandse ambassade in Moskou had kunnen helpen bij een beoordeling.

Zelfs een eenvoudige studie op het internet naar de achtergronden van de ontwikkelingen in Rusland vond de IND kennelijk niet nodig. Was dat wel gebeurd dan had de beslissing over Dolmatov's asielaanvraag anders kunnen uitvallen.

Is de IND laks, amateuristisch of een bureaucratisch eiland?
In ieder geval was het politiek handig dat de overheid in 2013, juist in het Nederland-Ruslandjaar, eventuele gevoeligheden niet in de openbaarheid bracht.

Revival van de "Koude Oorlog"
De zaak rondom de dood van de Rus Dolmatov lijkt ingewikkeld, maar kan best worden ontrafeld. In ieder geval gedeeltelijk en beslist uitgebreider dan ambtenaren van de IND hebben gedaan.
Het naar de media gelekte vluchtverhaal en de in 'de Volkskrant' omschreven rol van Vader Grigori van de Russisch Orthodoxe Kerk (ROK) in Rotterdam, zijn dan het uitgangspunt.
Daarnaast zijn er rapporten op internet die de rol van "the special subdivision (Fourth Department of the Fifth Administration) for religion" van het KGB beschrijven. De relatie dus tussen het KGB en de ROK.

Mitrokhin archieven
Een verdere zoektocht naar de rol van de ROK leidt onder meer naar de Mitrokhin archieven. Daar wordt de verwevenheid van KGB-medewerkers met de kerk zelfs schematische in een organigram weergegeven. Wanneer je nu deze gegevens in het perspectief van Dolmatov's eigen vluchtverhaal plaatst, is het meer dan aannemelijk dat Dolmatov in binnen- en buitenland, (in Nederland zelfs met de hulp van de ROK), als agent provocateur in de Russische oppositie was geïnfiltreerd. In de revival van de "Koude Oorlog" speelt ook de kerk weer een discutabele rol en lijkt opnieuw te worden ingezet in het spel van de veiligheidsdiensten.

Het is bekend wie een van de laatste Russen is waarmee Dolmatov heeft gesproken. 
Waren de lange gesprekken met deze 'vader' Grigori ook de reden dat Dolmatov plotseling zweeg over zijn relatie met de FSB, de opvolger van het KGB?
Dit had de IND moeten uitpluizen, maar die gaat slechts af op het vluchtverhaal van Dolmatov.

Russische Kerk is gevaarlijke schuilplaats 
Dolmatov was gerekruteerd als informant in de binnenlandse oppositiepartij 'Een ander Rusland' rond Edoeard Limonov. Na zijn behaalde successen werd hij ingezet als verbindingsman tussen de veiligheidsdienst FSB en de 'organisatie' van de Russische Orthodoxe Kerk (ROK). Deze Kerk is al eeuwen een schuilplaats voor oppositieleden in het buitenland, door machthebbers in Moskou alom gevreesd en al jarenlang bestreden. Maar is ook verwevenheid met het oude KGB en de nieuwe FSB.

Auteurs van klassieke spionageboeken likken hun vingers af bij deze klassieke inlichtingenoperatie. Dolmatov; gerekruteerd en deels opgeleid in de gevangenis. Later als 'spion' geïnfiltreerd in de Russische oppositie in Moskou en daarvoor beloond met een vertrouwensfunctie bij de rakettenfabriek en met een paspoort voor reizen buiten Rusland.
Hij maakte reizen naar Nederland en Duitsland, naar steden waar ook Russische kerkgemeenschappen of moet je zeggen oppositiebewegingen floreerden.

De FSB wilde, zo zei Dolmatov zelf, dat hij in een ander Europees land ging werken en daar lid zou worden van een ‘organisatie’. 
Volgens Dolmatov moest hij de rol van verrader spelen. In zijn afscheidsbrief zegt Dolmatov dan ook: “Ik heb een eerlijk mens verraden”.  
Hij eindigde als koerier in Rotterdam en kreeg de laatste morele steun van de ROK.

Conclusie
Een onvolledig IND-onderzoek leidde tot een verkeerde beslissing.
De afwijzing van de asielaanvraag door de IND was niet de directe oorzaak van de dood van Dolmatov. Die was het gevolg van een labiele situatie waarin hij was gebracht door een uitgekiend spel van de Russische autoriteiten in hun strijd tegen oppositieleden in binnen- en buitenland.

Tot dit oordeel had de IND moeten komen in samenspraak met experts van andere ministeries en na bestudering van de rol en de activiteiten van de ROK voor de Russische geheime dienst.

Is de kennis van de IND van de actuele politieke ontwikkelingen in de wereld wel toereikend? 
Kan de IND complexe asielaanvragen nog steeds zelfstandig beoordelen? 
Moet deze dienst voortaan expertise inhuren van specialisten bij andere ministeries?

Deze vragen had de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, Fred Teeven, moeten kunnen beantwoorden.

22 februari 2013

Eenheid Nationale Politie ver te zoeken

Politieagenten volgen dwangbevelen niet zomaar op

Agenten vinden relatie met de burger belangrijker dan orders uit Den Haag. Politieleiding raakt grip op twitterende agenten kwijt.

 

Twitteren van politieagenten aan banden
De korpsleiding van de Nationale Politie stoort zich aan de gedragingen van agenten op Twitter. Zelfs het Crisiscommunicatie Team Politie (CCT) wordt ingeschakeld om de ongebreidelde stroom op "anonieme" twitteraccounts van agenten aan banden te leggen. De korpsleiding wil de persoonlijke twitteraccounts verbieden en vervangen door teamaccounts. Die zijn door community managers beter te controleren. Er worden ideeën ontwikkeld voor de invoering van een centraal gestuurd en gecontroleerd "dashboard" voor tweeten; een soort meldkamer voor twitteraars. De vrijheden van de individuele agent worden nu al beperkt.
 
Eenheid Nationale Politie in gevaar
Wat is er dan aan de hand?
Een wijkagent plaatst een foto van een dief op Twitter. Hij krijgt een uitbrander van het Openbaar Ministerie en de politieleiding schiet daardoor in de stress. Er is een heuse crisis binnen de politietop want nota bene het Landelijke CCT wordt direct ingeschakeld. De eenvormigheid van de Nationale Politie is in gevaar. Het CCT wordt geïnstrueerd door "Den Haag" en moet de persoonlijke twitteraccounts van agenten gaan vervangen door beter te controleren teamaccounts. Marco Leeuwerink is een van de leiders van het CCT. Hij wordt gedwongen de eenheid te bewaren, maar schaart zich met onuitgesproken tegenzin achter het besluit van de korpsleiding.
 
Beleid ontbreekt
Het is juist Leeuwerink die een groot voorstander is van twitterende agenten, zo schrijft hij in één van zijn publicaties. Hij weet dat burgers het contact met échte mensen erg waarderen. Het verkleint de onderlinge afstand tussen politie en burgers. Maar hij weet ook dat leidinggevenden binnen de politie er grote moeite mee hebben dat de agent zelf bepaalt wat en met wie en wanneer er wordt gecommuniceerd via Twitter. Dat wordt nu dus verboden.  Zoals een motoragent een verkeersovertreder aan de kant zet, zo zet een politieofficier de manschappen in de houding.
In de houding zetten? Anno 2013? Dat is natuurlijk incidentenpolitiek; daar zit geen proactieve visie achter, maar een reactief optreden, die angstige politiemensen zo eigen is. Beleid bij de Nationale Politie ontbreekt. Dit is eenvoudig vast te stellen aan de hand van de volgende argumenten.
 
BlackBerries
Ten eerste. Op het Politie Net Werk Congres op 1 november 2012 werd een ongekend aantal BlackBerries uitgedeeld en moesten alle aanwezigen op grote schermen laten zien hoe goed zij konden twitteren. De gedachte daarachter was dat Twitter goed is voor het gevoel van eenheid binnen het korps. Maar wanneer je als politiebestuurder vooraf even had nagedacht, dan had je kunnen bedenken waartoe het uitdelen van BlackBerries zou leiden: namelijk tot twitteren tussen agenten en burgers.
Nu raakt politieleiding plotseling in de stress na één incident met een foto van een dief op Twitter. Wie is weer de klos? De twitterende politieagent. Beleid ontbreekt!
 
Ruggengraat nationale politie
Ten tweede. Door de Directeur Communicatie van de Politie, Eric Stolwijk, werd aangedrongen op het gebruik van Twitter, onder meer voor een betere relatie met de burgerij. Politieagenten kunnen niet meer alles alleen, zij hebben de burgers nodig. Goed gezien, want de tweetende (wijk-)agenten op straat, nu de ruggengraat van de nationale politie, hebben de beste contacten met de burgers.

Maar wat gebeurt er? Persoonlijk twitteraccounts van politieagenten zijn door "Den Haag" per 1 april 2013 verboden verklaard. De politieleiding in het noorden van Nederland vond één mondelinge dienstopdracht wel voldoende om deze maatregel gestalte te geven.
Dus de dienstopdrachten waren al gegeven, maar het beleid nog niet gecommuniceerd. Via Twitter(!) meldt de directeur Communicatie achteraf dat hij ervoor zal zorgen dat er op korte termijn meer info komt; agenten in opperste verbazing achterlatend. Beleid ontbreekt!
 
Communicatieblunder
Ten derde. Zolang "Den Haag" centraal gestuurd dit soort beslissingen over de ruggen van de agenten  blijft nemen, zolang dienstmededelingen niet vooraf worden gecommuniceerd en niet worden uitgelegd; zolang wordt de Nationale Politie nooit een landelijke eenheid. Dus wordt het tijd in te zien dat communicatieblunders als  deze tot meer en meer wantrouwen leiden bij de agenten in het veld. Het doordrukken van een centraal gestuurd "dashboard" voor twitteraars en teamaccounts is bij voorbaat gedoemd te mislukken. Beleid ontbreekt!
Maar groeit ook het besef dat het domweg verbieden van het gebruik van twitteraccounts van agenten nooit zal leiden tot een door de politietop gewenste betere grip op de manschappen?
 
We zijn nog lang geen Nationale Politie
Die grip was er niet bij de Rijkspolitie, niet bij de regiopolitie en na al dit gereorgani
seer nog steeds niet bij de nationale politie. Dus het vertrouwen is weer beschaamd. Politieagenten in alle regio's in Nederland hebben nog nooit "zomaar" dwangmaatregelen uit "Den Haag" geaccepteerd. "We zeggen niet overal zo maar ja en amen tegen! We zijn nog lang geen Nationale Politie". Ook nu weer voelen politieagenten zich gekleineerd en horen zij de woorden van minister Opstelten "het zijn dienders, ze moeten zich bezig houden met handhaven en zich niet bemoeien met wat wij voorschrijven" nog lang nadreunen.
 
Conclusie
De burger was lange tijd niet zo te spreken over de politie. Dat vond met name de Tweede Kamer en dus de politietop en de minister vervelend. Er moest een Nationale Politie komen.

De politieleiding gaf het vertrouwen aan de twitterende politieagent, want juist de agent was als geen ander in staat de relatie met de burgerij te verbeteren. Eén incident met een foto van een dief op Twitter, een reactie van het Openbaar Ministerie en de politieleiding schiet in de stress. Wie is de klos? De twitterende politieagent en in diens kielzog de burger.

Dus het aan banden leggen van persoonlijke twitteraccounts verslechtert de band tussen agenten en burgerij juist. En dat kan nooit de bedoeling van de Tweede Kamer noch van de minister zijn geweest.
Het is zeker niet de bedoeling van de twitterende politieagent die de band met de burger belangrijker vindt dan klakkeloos de orders van de leiding ver weg in "Den Haag" op te volgen.

8 februari 2013

De oude journalist is een eenzijdige waakhond

Publicaties over dood Russische asielzoeker Dolmatov eenzijdig

De berichtgeving in de media over de zelfmoord van de Rus Aleksandr Dolmatov was erg eenzijdig.  

Publicaties over dood Russische asielzoeker Dolmatov zijn partijdig en bevooroordeeld. Doorgeschoten wantrouwen tegen overheid voert de boventoon. Het is tijd voor jonge, ambitieuze onderzoeksjournalisten.

Meeste journalisten blijven rondjes draaien in het uitgesleten kringetje van mediagenieke begrippen
De journalistiek pretendeert onpartijdig en onbevooroordeeld te zijn. De publicaties over de dood van de Russische asielzoeker Dolmatov daarentegen zijn dat niet. Het inmiddels doorgeschoten wantrouwen tegen de overheid voert de boventoon. De journalist is de waakhond, een hulpmiddel, niet zelf de controleur. Daarvoor is zijn kennis te eenzijdig. Maar er gloort hoop! Een jonge generatie staat te trappelen.

Waakhond of controleur
Argos-redacteur Huub Jaspers vindt dat controle door de media maatschappelijk relevante informatie oplevert. Maar is het wel zijn taak zichzelf te benoemen tot controleur van de overheid? Die taak is eenzijdig en staat haaks op de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de media.

Controle is niet het goede woord en zal vervangen moeten worden door onderzoek. De journalist is een waakhond die niet zelf de taak heeft de overheid actief te controleren. Het aan de kaak stellen van dubieuze praktijken van bestuurders is een invloedrijke taak, maar regulerend optreden moet aan anderen worden overgelaten.

Journalistiek in diskrediet
Een journalist moet tegels lichten en misstanden aan de kaak stellen. In de sportjournalistiek is dit jarenlang nagelaten. Eenzijdige berichtgevingen over dopingpraktijken heeft die sport van journalistiek in diskrediet gebracht. Dat verwijten journalisten ook elkaar.

Je kunt niet iedereen over één kam scheren, maar de sportjournalistiek heeft wel wat uit te leggen. Niet alleen over hun nalatigheid in het wielrennen, maar ook over hun afwezigheid bij kritisch onderzoek naar matchfixing in het voetbal. Op journalisten van Voetbal International na, volgden alle anderen slechts de sport zelf. Als journalist hoop je toch dat je op een schandaal stuit? Het liefst op een onbekend, nog niet eerder opgepikt onderwerp. Dat is je zo geleerd, dat is je werk.

Eenzijdigheid troef in "zaak Dolmatov"
Afgelopen weken papegaaiden de dag- en weekbladen, de televisie- en radiozenders elkaar vooral na in de "zaak Dolmatov", hetgeen onvermijdelijk leidde tot oogkleppenjournalistiek. Elk zichzelf respecterend Nederlands en buitenlands medium stortte zich op de zelfmoord van Aleksandr Dolmatov. Zijn lichaam was nog niet koud of radio en televisiezenders in Nederland boden de advocaat Marq Wijngaarden een podium om zijn tunnelvisie over de Nederlandse overheid (IND, AIVD, politie) ten gehore te brengen. Over de rug van alles en iedereen, maar met de uitgelokte semipolitieke steun van koningin Beatrix mocht Wijngaarden zichzelf en zijn advocatenkantoor voor radio en televisie promoten. Welke journalist vroeg de advocaat wat hij dacht van de rol van de Russische priester van de Orthodoxe Kerk in Rotterdam, de kerk waar Dolmatov al de kerstdagen van 2010 doorbracht?

Kuddegedrag
Tenenkrommende journalistiek was het gevolg. Gespeend van kennis over Rusland, richtte het vaderlandse journaille en masse de pijlen op de Nederlandse overheid, die vaker als "sitting duck" fungeert. Want er was een zielige, uit Rusland afkomstige activist gestorven. Alle verslaggevers schieten in dezelfde stress en gaan opzoek naar schuldigen voor deze tragische dood; zonder enige twijfel de Nederlandse overheid. Vooral oog voor het gevolg, de dood, maar zonder te berichten over de oorzaken in het leven van deze jonge man. De aanleiding voor zijn dood bleef onbelicht. Zijn kreet om aandacht voor wat er allemaal mis was in zijn
'moederland' werd niet begrepen. Een kudde verslaggevers holde op het ingeslagen pad achter de beschuldigende advocaat aan. Een kudde die zich uitslooft om de zelfmoord van een labiele drugverslaafde uit Rusland in de schoenen te schuiven van onderdelen van de Nederlandse overheid.

Vastgeroest spoor
Dolmatov wilde met zijn dood de aandacht vragen voor de kwalijke rollen van de Russische machinerieën. De goeden niet meegerekend zijn de Nederlandse buitenlandcorrespondenten geprogrammeerd zo muisstil mogelijk te zijn zodra de integriteit van het land waarin zij wonen en werken in het geding is. Ze willen daar rustig en veilig blijven en hun families niet blootstellen aan de nukken van het land. Berichten gaan dus vooral over sneeuwbuien, overstromingen of aardbevingen.

De meesten, Hubert Smeets (NRC) en Arnout Brouwers (Volkskrant) voorop, kunnen meer zeggen over de "zaak Dolmatov" dan zij recent publiceerden. De buitenlandredacties reageren als een FYRA-trein. Zij printen niet, maar beschermen uit concurrentieoverwegingen die posities. Zo leren journalisten hun collega's in het buitenland kennen en moeten zij hun toevlucht zoeken tot deskundigen in Nederland, die vanuit hun professie wel durven te zeggen wat hun mening is.

Journalist als baanwielrenner
Soms moet zo'n deskundige meegaan in de reeds gevormde mening van de betrokken journalist. Maar de journalist op een ander spoor zetten brengt een reeds gestart onderzoek in verwarring. Want de mening van een deskundige verifiëren is lastig werk. Als journalist krijg je soms de neiging, als een gedrogeerde baanwielrenner, rondjes te blijven draaien in het uitgesleten kringetje van mediagenieke begrippen als activisme, mensenrechten en vluchtelingen. Dit geldt zeker voor de babyboomgeneratie. De jeugdige journalist heeft de toekomst, dus daar valt nog wel dynamiek en durf van te verwachten. Welke jonge, ambitieuze onderzoeksjournalisten zullen zich aan de tunnelvisie kunnen onttrekken?

Conclusie
De belangrijkste taak van de media lijkt nu het meest op het obsessief volgen van en ageren tegen Nederlandse overheidsinstanties. Nogal eenzijdig werk. De journalist moet vele tegels lichten en dubieuze praktijken van bestuurders aan de kaak stellen. Eenzijdige berichtgeving heeft met name de sportjournalistiek in diskrediet gebracht.

Dat gevaar dreigde ook in de "zaak Dolmatov", toen de media als trolleybussen vastliepen in het ingeslagen pad en zich en masse stortten op de Nederlandse overheid. Wel oog voor het (trieste) resultaat, maar niet voor de oorzaken. Onderzoeken door buitenlandcorrespondenten liepen stuk; toevlucht werd gezocht tot deskundigen in Nederland, van wie de mening moeilijk is te verifiëren.

Onbelopen paden liggen in het verschiet voor een nieuwe, jonge generatie journalisten.

26 januari 2013

NRC-krantenbezorger dupeert journalist

Krantenjongen niet betrouwbaar? 
Journalistiek ondergeschikt!


Menigmaal werd ik onaangenaam verrast door de krantenbezorger van de NRC, die mijn brievenbus voorbijreed. Een impressie over een verloren strijd tegen de bureaucratische uitgeverijen van de NRC.

Zaterdag
Elke zaterdagmorgen ben ik in blijde afwachting van de zaterdageditie van de NRC. Natuurlijk kan ik alle nieuws gevarieerder, gekleurder en sneller bij diverse aanbieders van het internet halen, maar ik ben nog een beetje van de oude stempel en heb graag een krant op mijn redelijk ruim bemeten eettafel. Als kind had ik niet zo'n eettafel en lag ik bij mijn ouders op zaterdagmorgen op de grond de krant uitgespreid uitgebreid te lezen. In de winter lekker voor de kachel. Misschien kan je zeggen dat ik met name in het weekend een krantenlezer ben uit nostalgische overwegingen. Heerlijk!

De krant in de brievenbus?
Het probleem is dat mijn krantenbezorger een warhoofd is. Hij stopt de krant op de doordeweekse dagen niet bij mij in de bus en hij vindt dat hij mijn brievenbus soms ook op zaterdag kan voorbijrijden. Hij heeft wel een briefje waarop alle wijzigingen staan en er staat dus ook dat hij bij mij op zaterdag de krant moeten laten binnenglijden. Het zijn van die briefjes om het geheugen op te frissen, net zoals de lijsten die het schoonmaakpersoneel van hotels elke ochtend krijgt om te zien in welke kamers alleen de bedden moeten worden opgemaakt of dat ook de hele kamer moet worden schoongemaakt. Dat is - vind ik - al heel wat moeilijker uit te vogelen dan een krant wel of niet in een brievenbus te stoppen.

Brommertje
Nadat de krantenjongen een paar keer had laten blijken dat zijn gedachten ook niet door een geplande (brom-)fietsroute waren op te frissen, verzamelde ik de moed om op de door mij uitgekozen zaterdagmorgen eens naar buiten te blijven kijken wanneer hij weer mijn huis zou voorbijrijden. Hij is vroeg deze keer. Ik hoor in de verte, aan de overkant van de straat al het geluid van zijn brommertje. Ik besluit hem op te wachten en desnoods het portiek in te trekken. Zal je net zien, gaat m'n GSM. De autodealer zegt dat mijn auto klaar is; gelukkig, net voor het weekend. Als ik het gesprek beëindig is het precies half twaalf in de morgen en hoor ik het brommertje van de NRC-krantenman mijn huis voorbij rijden. Ik zie hem in een ooghoek de hoek om scheuren. Zo hard rijdt hij anders nooit.

NRC-klantenservice
Geen krant, niet aan tafel lekker lezen en zeker niet op mijn buik voor de kachel. Dat is balen, zeker als je je er op hebt verheugd. Dan zal ik direct de klantenservice van de NRC moeten bellen of mailen en een bezorgklacht moeten indienen. Dan mag ik beslist ook niet vergeten een vinkje te zetten in het vakje waarin ik aangeef dat ik de krant wil "nabezorgd" krijgen, want het is geen automatisme dat de klantenservice weet dat je die krant natuurlijk wilt hebben. Nou, vergeet het maar zegt NRC-klantenservice: "U bent te vroeg, u kunt pas een bezorgklacht indienen nadat de uiterste bezorgtermijn is verstreken en dat is 13:00 uur op zaterdagmorgen".

Dat er regels zijn voor de nabezorging van een krant kan ik mij voorstellen; er zullen immers genoeg mensen zijn die heel kleinzerig met de stopwatch in de hand klaar staan om te bellen, ook als het sneeuwt en het glad is op de weg. Ja, maar...ik zie die jongen op zijn brommer al mijn straat uitrijden en ik denk niet dat hij terugkomt om speciaal bij mij die ene krant alsnog te bezorgen. En dan blijkt ineens "de krant" een log en ambtelijk instituut te zijn en nog dom ook. "Sorry, meneer...."

Opzeggen
Nu is het genoeg. Ik ga opzeggen, nadat ik nu voor de zoveelste keer de krantenbrommer mijn huis heb zien voorbijrijden en ik ook geen krant krijg nabezorgd. De klap op de vuurpijl is dat de NRC zegt dat het voor de abonnee het gemakkelijkst is om per telefoon op te zeggen en anders met redenen omkleed per brief. Waarom met redenen omkleed? Er is mij ook niet gevraagd naar de reden waarom ik mij als abonnee heb aangemeld. Dus van bijvoorbeeld een nulmeting kan geen sprake zijn.

Trouwens, dat bellen met de klantenservice valt behoorlijk tegen. Eerst moet je je door een keuzemenu worstelen en een gewenste voorkeur intoetsen, waarna een mevrouw of meneer van een callcenter je verhaal aanhoort en je tot slot wordt doorverwezen naar een klachtenafdeling. Klaar? Nee want die afdeling zal jou wel terugbellen, een keer. Wanneer? Dat weten ze ook niet. En je abonnement is nog steeds niet opgezegd. "Ik wil gewoon de krant op een eenvoudige manier opzeggen zoals ik ook abonnee ben geworden". Dat lijkt onmogelijk!
Na zo'n niet naar wens verlopen telefoongesprek - in mijn geval op woensdag - krijg je plompverloren met "de post' op donderdag alsnog "spontaan" de wel erg oude krant van afgelopen zaterdag, met nog ouder nieuws, in je brievenbus. Op zich een gebaar van de NRC waaraan andere kranten een voorbeeld zouden kunnen nemen. Maar je gaat toch denken; "als ik nou niet had gebeld"?

Journalist verliest zijn baan
Maar... klantenservice, journalisten het brood uit de mond stoten is dom.
Wattuh?
Het is zo logisch als wat. Wanneer de krant niet wordt bezorgd ben je teleurgesteld en een beetje pissig omdat je erachter heen moet bellen of mailen. Als dan de krant niet wordt of kan worden nabezorgd wordt je al een beetje boos, zeker ook omdat je je betaalde abonnementsgeld niet of niet automatische terugkrijgt. Je betaalt een paar euro voor een snack bij de automatiek en dan blijkt het vakje leeg te zijn; eigen schuld?

De krant wordt niet nabezorgd, je krijgt je geld niet terug, de week erop vergeet die krantenjongen weer zijn loopbriefje te raadplegen. Wat gebeurt er dan logischerwijs? Je zegt de krant op! Als meer of steeds meer mensen dat doen krijgt de krant steeds minder vaste inkomsten en zal uiteindelijk de journalist zijn werk verliezen. Misschien wat grote stappen in één keer en sla ik wat kleine stapjes over, maar dit is natuurlijk wel het eindresultaat. 

Bedankt krantenjongen, bedankt klantenservice.
Nou als deze gang van zaken geen slechts nieuws is voor een hardwerkende journalist, dan weet ik het niet meer. Tenminste als iemand bij de klantenservice mij nog kan volgen?
Zal ik ze toch nog een briefje sturen?

18 januari 2013

"Kinderen moeten leren wat wel en niet mag"

Ouders voelen zich beledigd

Is geweld door jongeren tegen ambtenaren, buschauffeurs en treinbestuurders een schijnbaar normale gang van zaken? En als je er wat van zegt komen dan de ouders uit hun holen om even te vertellen dat je van hun kinderen moet afblijven en dat jij hen niet mag terecht wijzen? Minister Plasterk zei eindelijk eens dat ouders hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Geweld door jongeren is de schuld van de ouders. Doe er wat aan!


Betrouwbaar ouderschap in tijden van nieuwe autoriteit


Sociale media registreren veel commotie bij ouders naar aanleiding van de oproep van minister Plasterk aan ouders om hun kinderen beter te leren wat wel en niet mag. Waar eerst de halve Nederlandse bevolking vindt dat de overheid meer moet doen voor de doorsnee burger, vinden voornamelijk ouders nu dat de overheid zich niet moet bemoeien met de opvoeding van hun kinderen. Daar moet je van afblijven, dat is een zaak van de ouders.
Oké, zegt Plasterk, akkoord, ik bemoei me er niet mee, jullie moeten inderdaad zelf zorgen voor een betere opvoeding. Zijn diezelfde ouders weer beledigd.

De waarheid is onaangenaam

 

Het is toch bizar dat bijna alle ouders zich op hun tenen getrapt voelen, wanneer de overheid iets zegt over de kwaliteit van opvoeding van kinderen door hun ouders. Kennelijk is de waarheid erg onaangenaam en herkennen ouders dat zij falen. Niemand vindt het leuk dat te erkennen. Maar bij die erkenning zal de verbetering moeten beginnen.

Moet die opvoeding beter?
Dat vindt niet alleen Plasterk, dat vindt niet alleen de overheid, dat is ook de mening van veel ouders over hun buur(t)kinderen. Ja, die opvoeding moet beter vindt iedereen, maar dat geldt niet voor mijn kinderen; wij leren onze kinderen wel respect en zij plegen geen geweld tegen ambtenaren. Dat doen altijd alleen die andere - niet Nederlandse - kinderen.

Die ouders vergeten twee dingen. Ten eerste hebben zij niet eens de tijd, het geduld en de hersens om kinderen consequent op te voeden en ten tweede hebben zij niet de tijd, het geduld en de hersens om te controleren of hun kinderen doen wat hen misschien toch per ongeluk is geleerd.

Het is geen verzinsel dat ouders falen.


Er zijn allerlei rapporten verschenen over de falende opvoeding van kinderen. Minister Plasterk doet namens de overheid de oproep naar aanleiding van een evaluatierapport over geweld van jongelui tegen mensen met een publieke taak zoals medewerkers op ambulances of in het openbaar vervoer.

Maar tik zelf als bezorgde ouder eens het woord “vandalisme” in op Google-nieuws en schrik dan niet van het grote aantal, alleen al in de media genoemde gevallen gepleegd door jonge vandalen met ouders.

Vind je dit overdreven of vind je dat vandalisme in jouw leefomgeving niet voorkomt, tik dan eens het woord “opvoeden” in. Je ziet dan vanzelf een woud van aanbiedingen in opvoedkundige hulp voor hulpeloze ouders. Hoe zou dat toch komen?

Hulp voor ouders bij opvoeding


Elke ouder heeft vast goede plannen en opvoeden is niet makkelijk. Maar als je al hersens hebt dan begin je al na te denken over de opvoeding vóór de geboorte van je kind. Je vindt op internet diverse tips ter voorbereiding op het ouderschap. En anders zijn er nog de tips of informatie over opgroeien en opvoeden, die je kunt halen in je eigen gemeente bij bijvoorbeeld het “Centrum Jeugd en Gezin”. Die instellingen schieten niet voor niets als paddenstoelen uit de grond.
Als je dat als ouder beseft, dan weet je toch dat minister Plasterk gelijk heeft wanneer hij zegt dat ouders kinderen moeten leren wat wel en niet mag.
Hij zegt niet hoe! Als ouder moet je willen leren en dat kan je niet altijd alleen. Je hoeft je niet te schamen voor het gewelddadig gedrag van je kind.
Er wordt veel hulp aangeboden om ouders bij te staan bij het opvoeden.
Pak die hulp dan aan  bij het voeren van een constructieve strijd.

Daar moet je als ouder wel wat voor doen!

Binnenlandse Veiligheidsdienst BVD voorkomt terreuraanslag

Het is 5 september 1975 Nederland is 50 jaar geleden ontsnapt aan Syrische terroristische aanslag Palestijnse terroristen plegen regelmatig ...